Het mbo kent alleen een algemene urennorm, onderverdeeld in begeleide onderwijstijd en beroepspraktijkvorming (bpv). Er gelden geen urennormen voor inhoudelijk onderdelen van de opleiding, dus ook niet voor burgerschap.

Uit het toezicht kader van de inspectie: ‘Voor loopbaan en burgerschap geldt een inspanningsverplichting voor studenten. De instelling moet loopbaan en burgerschap in het onderwijsprogramma opnemen. De inspectie gaat na of dit het geval is. Bij de examinering onderzoekt de inspectie of de examencommissie heeft vastgesteld of voldaan is aan de inspanningsverplichting voor loopbaan en burgerschap, alvorens tot diplomering over te gaan. (examenstandaard 3.1 diplomering).’

Er zijn verschillende verplichtingen: de school heeft een resultaatverplichting, dat betekent dat loopbaan en burgerschap in het onderwijsprogramma moeten zijn opgenomen en dat is vastgelegd, waar de student aan moet voldoen.

De student heeft een inspanningsverlichting, hij moet voldoen aan wat in het OER of verantwoordingsdocument is vastgelegd. Voor wat die inspanning is, gelden geen landelijke regels. Het kan gaan om deelname aan een aantal projecten, bijhouden van een portfolio, maken van toetsen, deelnemen aan minimaal aantal lessen, enz. Het is wel belangrijk dat de student bij aanvang van de opleiding weet aan welke inspanning hij voor loopbaan en burgerschap moet voldoen.

Voor (loopbaan en) burgerschap geldt, dat de school vastlegt aan welke inspanningsverplichting de student moet voldoen.  Dit wordt vastgelegd in een verantwoordingsdocument of in het OER. De student moet bekend zijn met de vereiste inspanningsverplichting voor (loopbaan en) burgerschap.

Of burgerschapsvorming ook doorgaat in een vervolgopleiding op een hoger mbo niveau en of van de student verwacht wordt dat hij zich ook op dit terrein verder ontwikkelt, hangt natuurlijk nauw samen met de opvatting van de school over burgerschapsvorming.
De inspanning die van de student wordt vereist kan per onderwijsinstelling verschillen, bijvoorbeeld: aantal uren onderwijs (lessen burgerschap) gevolgd , ingevuld portfolio, deelgenomen aan een vooraf vastgesteld aantal projecten , bepaalde producten opgeleverd, toetsen gemaakt enz. De school heeft dus de vrijheid hier zelf invulling aan te geven.

De examencommissie bepaalt, of de student aan deze inspanningsverplichting heeft voldaan. Daar zijn dus geen landelijke regels of richtlijnen voor. Als de examencommissie concludeert (en dat ook kan onderbouwen en verantwoorden) dat bijvoorbeeld een student in zijn mbo 2 opleiding voldaan heeft aan de inspanningsverplichting die de school stelt (en als de school verdere burgerschapsontwikkeling in een vervolgopleiding niet verplicht stelt), dan kan hem bij doorstroom een vrijstelling worden verleend.  In dat geval wordt dat ook vermeld in het dossier van de student.

In het vo wordt weliswaar maatschappijleer gegeven, maar dat is niet hetzelfde als burgerschap. Ook hier geldt, wat is de inspanningsverplichting die de school heeft vastgelegd en de beoordeling van de examencommissie of de student daar aan heeft voldaan.